L.P. Dorenbos Bijbelplan 25 september 2015 L.P. Dorenbos

  • Increase
  • Decrease
  • Normal

Current Size: 100%

Bijbelplan Dagboek 25 september 2007 L.P. Dorenbos
 
Lezen: Ezechiël 7:1-27 2 Timotheüs 1:1-18
 
Ezechiël 7:1-27
 
Ezechiël 7:2
het einde komt! Het einde over de vier hoeken des lands!
 
Ezechiël 7:4
en gij zult weten dat Ik de HEERE ben.
 
Ezechiël 7:5
Zo zegt de Here HERE: Onheil op onheil! Zie, het komt!
 
Ezechiël 7:6
Er komt een einde; het einde komt! Het wordt wakker over u! Zie, het komt!
 
Ezechiël 7:9
Ik zal u richten volgens uw wandel en al uw gruwelen aan u vergelden.
 
Ezechiël 7:10
Zie, de dag! Zie, het komt; de doem voltrekt zich; de staf bloeit; de overmoed spruit uit.
 
Ezechiël 7:12
De tijd komt! De dag nadert!
 
Ezechiël 7:17
Alle handen zullen slap worden en alle knieën van water druipen.
 
Ezechiël 7:22
Ik zal mijn aangezicht van hen afwenden
 
Ezechiël 7:23
want het land is vol bloedschuld en de stad vol geweld.
 
Ezechiël 7:25
angst komt; dan zullen zij behoud zoeken, maar het is er niet.
 
Ezechiël 7:27
en de handen van het volk des lands zullen van schrik verlamd zijn.
 
2 Timotheüs 1:1-18
 
2 Timotheüs 1:6
om die reden herinner ik u eraan, de gave Gods aan te wakkeren,
 
2 Timotheüs 1:7
Want God heeft ons niet gegeven een geest van lafhartigheid, maar van kracht, van liefde en bezonnenheid.
 
2 Timotheüs 1:8
maar wees mede bereid voor het evangelie te lijden in de kracht van God.
 
2 Timotheüs 1:10
Christus Jezus, die de dood van zijn kracht heeft beroofd en onvergankelijk leven aan het licht gebracht heeft door het evangelie.
 
2 Timotheüs 1:14
Bewaar door de heilige Geest, die in ons woont, het goede, dat u is toevertrouwd.
 
Gedicht Bijbel 25 september 2007 L.P. Dorenbos
 
Zie, het komt!
 
Ze kunnen wel in hoogmoed brallen
Hun feesten vieren met drinkgelag
Ze tieren en ontheiligen hun God
en doen alsof Hij niet eens bestaat
 
Het lijkt alsof zij eeuwig feesten
alsof alles in in hun macht is
maar plotseling komt het gericht
Het komt, het is vast en zeker
 
Zij zullen weten wie de HEERE is
Zij schreeuwen van angst en pijn
hun handen verlamd van schrik
en ze hebben knikkende knieën
 
Maar er is niemand die hen redt
doem voltrekt zich, Ik vergeld
mijn toorngloed velt de menigte
schrik zal hen allen overdekken
 
Here HEERE groot is uw naam
wij buigen ons voor uw liefde
U bent jaloers en vol naijver
Op bloedschuld komt oordeel
 
Kinderen gedood in de moeder
alsof wij hen hebben gemaakt
gemarteld met dodende priem
zo gruwelijk, God is verbolgen
 
Ezechiël 7:1-27 2 Timotheüs 1:1-18
 
Getuigenis Gebed 25 september 2009 L.P. Dorenbos
 
Ik buig mijn knieën HEERE
Ik zie uw grootheid HEERE
Ik mag uit uw genade leven
Anders kan ik niet leven
 
Hef mijn hart naar U op
U staat mij krachtig bij
Ik loof en prijs U HEERE
U bent groot en Almachtig
 
Doe mij zien mijn roeping
Doe mij mijn dagen vullen
met waarvoor U ons riep
U bent groot, ik aanbid U
 
Een lamp voor mijn voet
en een licht op mijn pad
is uw Woord elke dag
ik leef er elke morgen uit
 
Ik wil in uw woord wonen
Ik ontdek de profetische lijn
Uw komt om ons te redden
De zonden zijn hemelhoog
 
Leidt mij ook weer deze dag
Ik verkondig uw grote naam
op bloedschuld volgt oordeel
maak mij trouw in de roeping
 
Het is mijn lust en mijn leven
U bent dicht bij hen die lijden
U trekt ze dicht aan uw hart
daar ontvang ik ook uw zegen
 
Ik bid U om moed en kracht
Wij laden bloedschuld op ons
Abortus moet dan ook stoppen
Wordt wakker nu het nog kan
 
Ezechiël 7:1-27 2 Timotheüs 1:1-18
 
Woord voor de dag 25 september 2007 L.P. Dorenbos
 
Ezechiël 7:12
De tijd komt! De dag nadert!
 
2 Timotheüs 1:10
Christus Jezus die de dood van zijn kracht heeft beroofd en onvergankelijk leven aan het licht gebracht heeft door het evangelie.
 
Ezechiël 7:1-27 2 Timotheüs 1:1-18
 
Gebed Bijbelplan 25 september 2011 L.P. Dorenbos
 
De tijd komt! De dag nadert!
 
De zonde klimt huizenhoog. De zonde reikt tot in de hemel. U komt in uw grote grimmigheid naar beneden. U hebt een onvoorstelbaar geduld. U bent een genadig God. U hebt geroepen en geroepen. U stuurt uw profeten. U stuurt ons. Maar het blijft stil. Het blijft angstig stil. Het is doodstil. De zonden vermenigvuldigen zich. De zonde kleeft aan ons allemaal. Wij moeten ons los worstelen en bekeren en op de knieën schuld belijden.
HEERE, als U uw Zoon niet gezonden had dan waren wij de beklagenswaardigste van alle mensen. Maar Gode zij dank. Het kruis heeft gestaan. Mijn zonden zijn verzoend en niet alleen die van mij maar die van de gehele wereld. Wat kan ons dan nog scheiden van de liefde van God. Als God ons dan alzo lief heeft gehad, dan kan niets ons scheiden van de liefde van Christus. Zelfs de dood niet. Want de dood is verzwolgen. Jezus is de eerstgeborene uit de doden. Wat is grotere liefde.
Hij trekt ons op uit de tegenwoordige zondige wereld. Hij geeft ons kracht. Hij roept ons. Hij bekeert ons. Want het zijn de gunstbewijzen des HEEREN dat wij niet omgekomen zijn. Zijn barmhartigheden houden niet op. Elke morgen zijn zij nieuw. Groot is uw trouw, o HEERE. Wat een oneindig geduld hebt U. Wij belijden onze zonden. Wij buigen ons voor U neer. Wij belijden onze schuld. Wij hebben gezondigd. Wij en onze vaderen.
Wij komen tot U en bidden en smeken U om ontferming. Wil ons onze zonden vergeven. Wij hebben gezondigd en derven de heerlijkheid Gods, Maar door uw genade en uw genade alleen mogen wij vrijmoedig toegaan tot de troon van uw genade. Dank U wel voor zoveel liefde. Wij zijn geborgen in Christus in God en daarom zijn wij eeuwig dankbaar en klinkt ons lied tot eer van U. Glorie voor uw naam.
Wij bazuinen die liefde aan alle mensen. Iedereen mag het weten, want God wil niet dat sommigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen. Zegt het voort. Blaas de bazuin. Verkondig het. Dring erop aan. Laat iedereen het horen. Want Hij komt op de wolken en elk oog zal Hem zien. Dan zal zijn volk weeklagen en zien dat Messias Jezus hun Messias was en in de eerste plaats voor hen kwam. God zal zelf zijn woorden in hun hart leggen.
En ze zullen allen erkennen dat de HEERE hun God is. En alle volken zullen geconfronteerd worden met de macht en majesteit van God. Zij willen in het dal van Armageddon zijn uitverkoren volk in de pan hakken. Maar dan treedt God zelf op en de legers zullen struikelen in het dal van Megiddo. En alle volken zullen dan erkennen dat de HEERE God is. En jaarlijks zullen ze optrekken naar Jeruzalem om het Loofhuttenfeest te vieren. Jeruzalem zal de stad van God zijn.
En de naam van de stad zal zijn: De HEERE is aldaar. En Messias Jezus zal zijn voeten op de Olijfberg zetten en met het hosanna de gouden poort doortrekken en in Jeruzalem komen. Hosanna gezegend Hij die komt in de naam des HEEREN. Het zal geschieden. De schepping zucht in al haar delen wachtend op de openbaarmaking van de zonen van God. En dan zal de bazuin geblazen worden en dan zal het de grote dag zijn. En God zal alle tranen van hun ogen afwissen.
En de duivel, de grote hoer zal weggevoerd worden en geen macht meer hebben. Lees het, beleef het. Geloof het. Mis het niet. Waarom zou je het eeuwige leven van vrede en liefde missen als het je om niet wordt aangeboden, want de genade van God door het offer van Jezus is ook voor jou. Waarom zou je je laten meesleuren in de poel van het verderf, waar het geween is en het tandengeknars. Hoe kan de zonde nu al in je leven huishouden.
God wil ons redden uit de zonde van de wereld. Bekeer je dan. Draai je om. Hoor zijn stem. Ga uit van het Babylon van de zonde en de ongerechtigheid. Want dat Babylon van hoogmoed en zonde valt in één uur. En dan is het te laat. Haast je want je redding is nabij. Glorie voor zijn naam. Geloof je het nog niet. Lees je Bijbel bidt elke dag opdat je groeien mag. Buig je knieën en lever je restloos over aan die God van je eeuwig heil.
Amen
 
Ezechiël 7:1-27 2 Timotheüs 1:1-18
 
Hedenmorgen 25 september 2013 L.P. Dorenbos
 
Volgende mailing
 
Hulpverlening
Mars voor het Leven 7 december
30 november 1813-2013
Seksualiteit, second life
Gebed, Bijbellezing
 
Wij komen tot U. Heb ik gebeden over de inhoud van de volgende mailing. HEERE, vergeef mij. Ik moet in zo'n belangrijke beslissing U zoeken. Dank U wel. Ik buig mij voor U neer. HEERE, geef mij wijsheid en inzicht. Ons land is in grote nood. Dank U wel. U leidt ons leven. Dank U wel. U komt tot mij in alle aspecten van mijn leven. Ik komt tot U met al mijn vragen en al mijn contacten. Dank U wel. U komt naar mij toe door uw woord en door uw geest. Dank U wel. U bent de Goede Herder. U bent de Weg, de Waarheid en het Leven. U bent de Deur. U bent het Brood. U bent het levende Water. Een ieder die dorst, neme het Water des levens om niet. Dank U wel. We loven en we prijzen U.
 
HEERE, dank U wel. Ik kom tot U om uw leiding en zegen te vragen voor de volgende mailing. Ik vraag uw zegen voor de volgende mailing. Help ons, help mij. Dank U wel dat U mij steeds helpt om dieper te leiden. Ik dank U van U geleerd te hebben. Vergeef mij mijn hoogmoed en mijn eigengereidheid. Hoe ben ik vaak tegen U als ik de ander tekort doe. Doe mij ontdekken aan mijzelf. Dank U wel. Uw woord opent mijn ogen. Dank U wel dat uw woord zo levend en krachtig is. Het scheidt vaneen. Goed en kwaad. Kies dan het leven zegt U steeds. Maar ik ben zo weerbarstig in het luisteren. Geef mij uw liefde. Uw geduld. Uw weg. Dank U wel. Dank U wel voor alle zegen die wij ontvangen.
 
Ik dank U wel voor het werk dat we mogen doen. We zetten ons in voor het leven. Wat een heerlijke roeping. U hebt ons geroepen. Dank U wel. Wat een eer om door U geleid te worden. Zo dicht te mogen werken aan het hart van Jezus. Dan kom je wel dichter aan het hart van Jezus. HEERE, vergeef mij als ik steeds maar weer val in mijn hoogmoed en mijn eigen ik. Want elke zonde is opstand tegen God. Dank U wel. We loven en we prijzen uw naam. Dank U dat U mij daar vanmorgen bij bepaald. Ik wil U volgen. Dank U wel dat U ons het willen als het werken geeft. U geeft ons niet op. Uw striemen brengen mij genezing. Wij gaan in gebed.
Amen
 
Volgende mailing
 
Verslag ARK dag, It's a girl film, Dr. Mary Job, Mars voor het Leven, babyhuis, Michael Job Centr
Mars voor het Leven 7 december 18 december Nachtwaken
Verslagen Hulpverlening en Waken bij Klinieken, voortgang Houten, Boekje Leven na een abortus
30 november 1813-2013 en 7 december, Oorkonde, Proclamatie.
Seksualiteit en Abortus, Bidden bij de televisietoren, Second love schande.
Gebed en Bijbellezen, 31 oktober, Dankdag voor gewas en arbeid. DVD Bijbelvertaling, Brink tv
Bijbellezen, profetie, de wereld schudt, Moloch en Evolutie en Abortus en China.
 
Ezechiël 7:1-27 2 Timotheüs 1:1-18

 
Vanmorgen 25 september 2015 L.P. Dorenbos

  1. Soekot (Loofhuttenfeest)

Datum: maandag 28 september t/m zondag 4 oktober 2015

 
Uit Christimedia
 
Loofhuttenfeest
 
Het Loofhuttenfeest (Hebr. soekot, meervoud van soeka, hut) is een gedachtenis- en oogstfeest, een van de gezette hoogtijden van God die hij voor zijn volk Israël heeft ingesteld. Men herdenkt de woestijnreis, toen de Israëlieten in loofhutten (tenten) woonden. Het is het laatste feest van het Israëlietische (bijbelsgodsdienstige) jaar en wordt gevierd van de 15e tot de 22e van de zevende maand (september/oktober). Tijdens de zeven feestdagen wonen de Israelieten in zelfgebouwde loofhutten en zijn vrolijk. Het feest is ook een ‘feest der inzameling, op de uitgang van het jaar, wanneer u uw arbeid uit het veld zult ingezameld hebben’ (Ex. 23:16). Gedurende het feest werden vuuroffers gebracht. Het feest is een altoosdurende inzetting voor Israël (Lev. 23:41). Dit artikel handelt over het loofhuttenfeest in de Bijbel.
 
Over de Joodse viering van het feest, zie Soekot Schriftplaatsen aangaande het Loofhuttenfeest zijn: Ex. 23:14-17; Lev. 23: 33-36; 39-43; Num. 29: 12-38; Deut. 16: 13-17; 31:9-13; Ezr. 3:1-7; Neh. 8:13-18; Ezech. 45:21-25; Zach. 14:16-19; Joh. 7:2-39.
 
Na Genesis wordt in elk boek van Mozes melding gemaakt van het feest. In Leviticus en Numeri wordt het feest uitvoerig beschreven. Het feest wordt in de Heilige Schrift genoemd ‘het feest der loofhutten’ (Deut 16:13, 16) en ‘het feest der inzameling’ (Ex. 23:16; vgl. 34:22; Lev. 23:39). Synoniem: feest der tabernakelen (Eng. feast of tabernacles). Ex 23:16 … En het feest der inzameling, op den uitgang des jaars, wanneer gij uw arbeid uit het veld zult ingezameld hebben. (SV)
 
Het feest begint elk jaar op 15e dag van de 7e maand (Num. 29:1) van de godsdienstige kalender (september/oktober) en duurt zeven dagen (Deut. 16:13), gevolgd door een 8e dag (Lev. 23:26), evenals de 1e een rustdag. Het Loofhuttenfeest, het laatste feest, is een gedachtenis aan het wonen in loofhutten na de verlossing uit Egypte, gedurende de woestijnreis. Het pascha, de eerste hoogtijdag, is een herinnering aan Gods verschonende (sparende) voorbijgang van Israël en de verlossing uit Egypte. Konden het Pascha en het feest der Ongezuurde Broden in de woestijn worden gehouden, het loofhuttenfeest kon slechts in het beloofde land worden gevierd, nadat de oogst was ingezameld, want van een oogst in de woestijn, onderweg naar het beloofde land, was natuurlijk geen sprake. De hoogtijdagen van Loofhutten hebben een feestelijk karakter. Er zijn zeven dagen van vrolijkheid (Lev. 23:40). Het feest moest in Jeruzalem, de stad door God verkoren, gevierd worden (Deut. 16:15). Het was dan ook één van de drie jaarlijkse pelgrimsfeesten (Ongezuurde Broden, Wekenfeest, Loofhuttenfeest) waarvoor alle mannen van Israël voor het aangezicht van de HEER moesten verschijnen te Jeruzalem (Ex. 23:17, 34:23). Het was een feest voor de Here God. Er wordt uitvoerig over het feest gesproken. De Heer vindt er kennelijk vreugde in dat zijn volk gelukkig woont in het beloofde land en zich verheugt in de zegeningen, Loofhuttenfeest 1 die Hij hen schenkt. Want de oogst was binnen, de schuren vol. En God wilde dat zijn volk vrolijk zou zijn over al die zegeningen en Hem danken. De eerste en de achtste dag (de dag na het feest) waren rustdagen, waarop geen dienstwerk mocht worden verricht. Op die dagen waren er heilige samenkomsten. Nu 29:12 Ook op de vijftiende dag van deze zevende maand moet u een heilige samenkomst houden; geen enkel dienstwerk mag u [dan] doen, maar zeven dagen [lang] moet u voor de HEERE een feest vieren. (HSV) Nu 29:35 Op de achtste dag moet u een bijzondere samenkomst houden; geen enkel dienstwerk mag u [dan] doen. (HSV) Op elk van de acht dagen moesten bijzondere vuuroffers worden gebracht: brandoffers en hun bijbehorende spijs- en drankoffers, alsook een geitenbok ten zondoffer. De Israëlieten mochten, gezien de ontvangen zegen, niet ledig voor het aangezicht van de Heer verschijnen. Ieder moest iets brengen overeenkomstig de bekomen zegen.
 
De nationale offers waren deze:
Deze offers werden gebracht naast het dagelijks brandoffer met zijn spijsoffer en drankoffer (Num. 29:16, 19, 22, 25, 28, 31, 34, 38). Op het Loofhuttenfeest moest om de zeven jaar aan het volk de wet worden voorgelezen, opdat de Israelieten de HEER zouden vrezen en de woorden van de wet zouden waarnemen te doen (Deut. 31:9-13). Loofhuttenfeest 2 In de tijd na het Oude Testament kwam bij het Loofhuttenfeest een eigenaardige plechtigheid, die aan het drankoffer van het dagelijkse morgen- en avondoffer verbonden was: de ceremonie van het waterscheppen en plengen.
 
De Joodse Misjna (Soekka 4:1, 8) vermeldt dat het wonen in de loofhutten en het plengen van water zeven dagen duurde. De ceremonie verliep als volgt (Misjna, Soekka 4:9. Een gouden karaf met een inhoud van 3 log (= ca. 1,5 liter - Christipedia) vulde men uit Siloam. Bij de waterpoort gekomen blies men drie tonen op de ramshoorn, de middelste was een lange toon. Dan besteeg een priester de trap van het altaar en wendde zich naar links, waar twee zilveren bekkens stonden. Het ene bekken, dat aan de westzijde, was gevuld met water, en dat aan de oostzijde was gevuld met wijn. De priester goot uit het waterbekken in het wijnbekken, en omgekeerd[1].
 
Volgens rabbi Jehudah (Misjna, Soekka 4:9) werd op elk van de acht dagen een log (ca. 0,5 liter - Christipedia) uitgegoten, van elk bekken een log in het andere bekken. Tot de priester die het water zou plengen riep het volk: "Hef uw hand omhoog!" Want het was een keer gebeurd dat een priester het water per ongeluk over zijn voeten goot. De ceremonie van het waterscheppen en plengen ging gepaard met licht en uitbundigheid. De Misjna (Soekka 5:3) zegt: "Er was geen binnenplaats in Jeruzalem, die niet verlicht was door de verlichting voor het waterscheppen." Er werd gedanst en op talloze instrumenten gespeeld.
 
De vraag naar de oorsprong van de ceremonie van het waterscheppen werd na het einde van de Talmoedische periode (na 500 n.C.) beantwoord door Rav Ena.
Hij verwijst naar Jes. 12:3. Jes 12:2
Zie, God is mijn heil, ik zal vertrouwen en geen angst hebben, want mijn kracht en psalm is de HEERE HEERE, en Hij is mij tot heil geworden.
Jes 12:3 U zult met vreugde water scheppen uit de bronnen van het heil. (HSV)
 
Uit het evangelie naar Johannes (Joh. 7) blijkt dat de Heer Jezus deelnam aan het Loofhuttenfeest in Jeruzalem. Op de laatste, de grote dag van het feest, dat is waarschijnlijk de achtste dag, kennelijk naar aanleiding van de waterplengingen, sprak Hij over de stromen van levend water van de Heilige Geest. Joh 7:37
En op de laatste, de grote dag van het feest, stond Jezus daar en riep aldus: Als iemand dorst heeft, laat hij bij Mij komen en drinken! Joh 7:38
Wie in Mij gelooft, zoals de Schrift zegt: Stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien. Joh 7:39
Dit nu zei Hij van de Geest, die zij die in Hem geloven, zouden ontvangen; want de Geest was er nog niet, omdat Jezus nog niet was verheerlijkt. Joh 7:40
Sommigen dan uit de menigte die deze woorden hoorden, zeiden: Deze is waarlijk de profeet. (TELOS)
 
In de toekomst, na de verschijning van de Heer Jezus in de wereld, zal het feest gevierd worden volgens het voorschrift van Ezechiel 45:25. De overgebleven volkeren, die tegen Jeruzalem waren opgetrokken, zullen in het vrederijk van Christus jaarlijks optrekken om het Loofhuttenfeest te vieren (Zach. 14:16-19). Het volk dat niet op het Loofhuttenfeest verschijnt, zal door droogte worden geplaagd. Zac 14:16 Het zal geschieden dat al de overgeblevenen van alle heidenvolken die tegen Jeruzalem zijn opgerukt, van jaar tot jaar zullen opgaan om zich neer te buigen voor de Koning, de HEERE van de legermachten, en om het Loofhuttenfeest te vieren. Zac 14:17 Het zal geschieden dat er geen regen zal vallen op hem die uit de geslachten van de aarde niet zal Loofhuttenfeest 3 opgaan naar Jeruzalem om zich voor de Koning, de HEERE van de legermachten, neer te buigen. Zac 14:18 Als het geslacht van de Egyptenaren, waarop geen [regen] is [gevallen], niet zal opgaan en komen, dan zal de plaag komen waarmee de HEERE de heidenvolken zal treffen die niet zullen optrekken om het Loofhuttenfeest te vieren. Zac 14:19 Dit zal de straf zijn voor de zonde van Egypte en de straf voor de zonde van alle heidenvolken die niet zullen opgaan om het Loofhuttenfeest te vieren. (HSV)
 
Meer informatie R. Been, De feesten des Heren in Israël, blz. 60-69. Apeldoorn: Medema, 1979. ISBN 90 6353 022 6. Aantal pagina's: 73.
Bron 1. ? Misjna (Soekka 4:9)
 
–--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Joodse Feesten (Google)
 
15 Tisjri. Soekot (Sukkot) of Loofhuttenfeest is een joods feest dat zeven dagen duurt, en waarbij herdacht wordt, dat de joden veertig jaren lang in hutten in de woestijn omzwierven.

Veel van de joodse gedenkdagen herinneren aan de gebeurtenissen die in het oude testament staan (Het eerste deel van de christelijke bijbel). Met Soekot wordt herdacht dat het joodse volk 40 jaar door de woestijn moest zwerven. Zij leefden toen in hutten gemaakt van palmbladeren. Het loofhuttenfeest is het begin van een 7 dagen durende periode, waarin bij veel Joodse gezinnen in hun tuin of in hun woning een hut wordt nagebouwd. Gedurende deze dagen wonen zij hierin, gebruiken er de maaltijden en luisteren naar de verhalen over de tocht van de joden door de woestijn.

Het feest wordt beschreven in Tenach en dus de Bijbel, in het boek Leviticus hoofdstuk 23 vanaf vers 33 t/m 44.

Het feest begint op de 15e van de maand Tisjri uit de joodse kalender. Doordat dit een maankalender is, vallen feestdagen zoals soekot niet steeds op dezelfde data van de Gregoriaanse kalender. De twee dagen die volgen op soekot zijn ook feestdagen, namelijk Sjemini Atseret en Simchat Torah. Vaak rekenen mensen deze dagen ook tot het soekotfeest.

Soekot is een vreugdevol feest. De periode in de woestijn lag tussen de uittocht uit Egypte, die met pesach wordt gevierd, en de intocht in het beloofde land.

Gebruiken tijdens soekot: de soeka

Op de twee eerste dagen van soekot wordt er niet gewerkt. Volgens het gebod dient men in hutten te verblijven, hiervoor wordt vaak een hut (Hebreeuws: soeka, meervoud: soekot) in de tuin gemaakt, en het eten van een maaltijd in een dergelijke hut geldt al als vervulling van het gebod, hoewel het er meer mee overeenkomt als men, indien mogelijk, erin overnacht, wat ook wel wordt gedaan. Het dak van de hut moet van takken en gebladerte van bomen en andere plantaardig materiaal zijn gemaakt, niet van ander materiaal, zoals kunststof. Verder zijn er nog andere eisen die aan het opzetten van de hut worden gesteld.

Etrog en loelav

De hut wordt versierd met vruchten en groenten. Er wordt een bundeling gemaakt van een palmtak (loelav) twee wilgentakken (arava) en drie mirretakken (hadas). Deze gehele bundel wordt ook loelav genoemd. Hierbij wordt een citrusvrucht (etrog) gevoegd. De loelav vormt een symbool voor vreugde.

Ook tijdens processies worden de etrog en loelav meegedragen.

Fragment Leviticus 23

"Op de vijftiende dag van de zevende maand begint ter ere van de HEER het Loofhuttenfeest, dat zeven dagen duurt. De eerste dag moet je als heilige dag samen vieren; je mag dan niet werken. Elk van de zeven dagen moeten jullie de HEER een offergave aanbieden. De achtste dag moet je opnieuw als heilige dag samen vieren, en ook dan moeten jullie een offergave aanbieden aan de HEER. Er zal dan een feestelijke samenkomst zijn en er mag niet gewerkt worden. Neem dit in acht: Op de vijftiende dag van de zevende maand, wanneer je de oogst van het land hebt gehaald, begint het feest van de HEER, dat zeven dagen duurt. De eerste dag en de achtste dag moeten voor jullie rustdagen zijn. De eerste dag moeten jullie mooie vruchten plukken en takken afsnijden van dadelpalmen, loofbomen en beekwilgen. Zeven dagen lang moeten jullie feestvieren ten overstaan van de HEER, jullie God. Elk jaar moet dit feest ter ere van de HEER zeven dagen lang gevierd worden. Dit voorschrift geldt voor altijd, generatie na generatie. Vier dit feest in de zevende maand. Zeven dagen lang moeten jullie in hutten wonen, elke geboren Israëliet moet in een loofhut wonen, om jullie kinderen eraan te herinneren dat ik de Israëlieten in hutten liet wonen toen ik hen uit Egypte wegleidde."

 

 

 

 
Ezechiël 7:1-27 2 Timotheüs 1:1-18