Colossenzen 1:1-14

8 oktober [1]

1:4

daar wij gehoord hebben van uw geloof in Christus Jezus en van de liefde, die gij al de heiligen toedraagt,

1:5

om de hoop, die voor u is weggelegd in de hemelen.

1:6

Immers, in de gehele wereld draagt het vrucht…zoals ook bij u, sedert de dag dat… de genade Gods in waarheid hebt leren kennen;…

1:9

niet op voor u te bidden…

1:10

en op te wassen in de rechte kennis van God.

1:11

Zo wordt gij met alle kracht bekrachtigd naar de macht zijner heerlijkheid tot alle volharding en geduld,…

1:13

Hij heeft ons verlost uit de macht der duisternis en overgebracht in het Koninkrijk van de Zoon zijner liefde,

1:14

in wie wij de verlossing hebben, de vergeving der zonden.

Het is een wonder. Het evangelie draagt vrucht ook in Colosse. Het is ge­bracht met betoon van Geest en kracht. De mensen hebben het gehoord en ze hebben het aangenomen. Dat is een wonder. Paulus schrijft hun deze brief. Hij bemoedigt hen. Hij heeft gehoord van hun geloof en van hun liefde. Hij be­moedigt hen te zien op de hoop die in de hemelen voor hen is weggelegd. Ze zien dat ze uit de duisternis tot het licht gekomen zijn om deel te hebben aan het eeuwige leven dat komt. Paulus is blij dat Epafras hen het Woord gebracht heeft. Ze hebben ontdekt dat ze het uit genade ontvangen hebben. En dáárom bidt Paulus dat ze mogen volharden en groeien in de kennis van God. Dan zul­len ze de HERE waardig blijven wandelen, zullen ze een getuige zijn, zullen ze op de rechte weg blijven. Het is de kracht van God die hen bekrachtigt. Het is niet de eigen kracht en macht. Het is kracht en de macht van God. Alleen in die kracht kun je volharden en wandelen in de wegen des HEREN.

De kracht komt van boven en niet in je eigen kracht. Daar kom je veel aan te kort. Daar loop je mee vast. Dat ontdek je al heel gauw. Nee, je moet heel een­voudig leven uit de liefde en de genade en de kracht van God. Wat een heer­lijke gedachte. Als je op je eigen omstandigheden ziet, als je het van jezelf verwacht, dan ben je gauw uitgepraat. Neen, zegt Paulus, het is de kracht van God, die door genade in jou is uitgestort. Die trekt je van de duisternis naar het licht. Dan ben je nog wel in deze wereld, maar je wordt getrokken naar dat erfdeel, dat voor je is weggelegd in de hemelen. De toegang tot het eeuwige Koninkrijk van God. Hij heeft ons verlost uit de duisternis en overgezet in het Koninkrijk van de Zoon zijner liefde, in Wie wij de verlossing hebben, de ver­geving der zonden. Is dat niet heerlijk?

Want we weten dat we aan alles tekort komen, maar we bidden en we pleiten op het offer en de genade van de Here Jezus. Hij vergeeft onze zonden. Want die kleven ons aan. Daar hebben we altijd weer tegen te strijden. Vaak worden we moedeloos, als we op onszelf zien, maar daar worden we uitgetrokken door de genade van God, Die zegt, dat Hij wel weet hoe groot de macht van de zonde is en daarom zijn eigen Zoon gegeven heeft, opdat een ieder die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe. Wat een geweldige God. Daar kunnen we elk moment van ons leven bij schuilen. Daar hoeven we ons niet in te vergissen. We worden steeds weer opgetrokken naar Hem toe. Hij laat ons groeien in de kennis en de genade van Hem. Dan zullen we steeds meer ontdekken van de grote liefde van God en de wijsheid ontvangen om te volharden en staande te blijven in de boze dag. Glorie voor zijn Naam!

Colossenzen 1:15-23

9 oktober [1]

1:15

Hij is het beeld van de onzichtbare God,…

1:16

alle dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen;

1:17

en Hij is vóór alles en alle dingen hebben hun bestaan in Hem;

1:18

en Hij is het hoofd van het lichaam, de gemeente. Hij is het begin, de eerstgeborene uit de doden, zodat Hij onder alles de eerste geworden is.

1:20

en door Hem, vrede gemaakt hebbende door het bloed zijns kruises, alle dingen weder met Zich te verzoenen,…

1:21

heeft Hij thans weder verzoend,…

1:22

om u heilig en onbesmet en onberispelijk vóór Zich te stellen,

1:23

indien gij slechts wel gegrond en standvastig blijft in het geloof… waarvan ik, Paulus, een dienaar geworden ben.

Het is maar een kort stukje. Maar het is zo vol van de liefde van God; het is geweldig. Het is een hele volzin. Alles zit erin. Je kunt er je hele leven van genieten. We hebben het er steeds meer over. God is goed. Het komt allemaal van Hem. Hij is de volheid. Hij maakt alles goed. Hij is vóór alles en alle din­gen hebben hun bestaan in Hem. Hij is het hoofd van het lichaam, de gemeen­te. Want het heeft de ganse volheid behaagd in Hem woning te maken, en door Hem, vrede gemaakt hebbende door het bloed zijn kruises, alle dingen weder met Zich te verzoenen, door Hem, hetzij wat op de aarde, hetzij wat in de he­melen is. Fantastisch. Alles is door Hem geworden. God schiep de hemel en de aarde. Hij schonk zijn Zoon. Hij is alles in allen. Het is de volheid. Het is God Zelf. Het is de openbaring. Het is vrede. Het is alles.

We kunnen het ook met geen pen beschrijven. Paulus probeert het woorden te geven, maar hij beseft ook dat het nog veel hoger is. Het is alles in allen. God is goed. Hoe is het mogelijk dat Hij de vrede in ons maakt door het bloed van zijn Zoon? Hij is de eerstgeborene uit de doden. Hij is in alles de Eerste ge­worden. God is groot. Dat Hij in zijn ondoorgrondelijke liefde naar ieder van ons omziet en het verlangen heeft dat wij allemaal in zijn Koninkrijk van vre­de een plaats hebben. Ik kan er niet over uit. Ik kan er wel mijn hele leven over blijven schrijven. Want dat is geweldig. Als we straks bij Hem zullen zijn, dan zullen we zien wat we nu nog door een spiegel in raadselen zien. Maar dan zien we ten volle. Dan zien we dat de dood niet bij het leven hoort. Hij is de Eerstgeborene uit de doden. Het is goed. Het is fantastisch. Het kan niet mooier.

Geen wonder dat Paulus daar helemaal vol van is. Het is ook de mooiste bood­schap die je kunt brengen. Het is goed. We hoeven alleen maar door te geven wat God Zelf zegt. Het is niet ons eigen verhaal. Het is Gods verhaal. Het gaat erom dat we mogen geloven dat God zijn kracht eraan verleent, zoals Paulus deze brief ook begonnen is. Zo wordt gij met alle kracht bekrachtigd naar de macht zijner heerlijkheid. Dat is toch niet te geloven? Het komt allemaal van Hem. Het is zíjn kracht en macht. Hij bekrachtigt. Heerlijk toch? Zo zijn we overgebracht van het koninkrijk van de macht van de duisternis naar zijn Koninkrijk van de Zoon zijner liefde. En vrede is wat Hij geeft. Vrede is Hij. Hij leeft vanuit de vrede. Hij is de God der liefde. Hij kan toch alleen maar liefde geven. Hij heeft een grote haat tegen de zonde. Hij haat de bedrijvers der ongerechtigheid. Hij wil niets anders dan zijn liefde tonen. En dat doet Hij ook.

Paulus zegt dan ook dat hij blij is, dat zij, die eertijds vreemd waren aan Hem, maar die Hij thans heeft verzoend in het lichaam van Hem, door zijn dood, om hen heilig en onberispelijk voor Hem te stellen. Dat is toch een groot wonder. Daar word je blij van. Dat wil je iedereen vertellen. Het is een groot feest. Daarin moet je standvastig blijven, want er zijn genoeg geluiden en mensen, die je af willen brengen van de hoop van dit evangelie. Daar moet je voor op­passen. Je moet je door niets en door niemand in de war laten brengen. Daar worden we ontzettend vaak voor gewaarschuwd. En dat is maar goed ook, want de zonde heerst in ons sterfelijk lichaam. Maar we zijn verzoend door het bloed des kruises. God is goed! God is groot!

Colossenzen 1:24-2:3

10 oktober [1]

1:24

Thans verblijd ik mij over hetgeen ik om uwentwil lijd, en vul ik in mijn vlees aan wat ontbreekt aan de verdrukkingen van Christus, ten behoeve van zijn lichaam, dat is de gemeente.

1:26

het geheimenis,… maar thans geopenbaard aan zijn heiligen.

1:27

hoe rijk de heerlijkheid van dit geheimenis is onder de heidenen: Christus onder u, de hoop der heerlijkheid.

1:28

om ieder mens in Christus volmaakt te doen zijn.

1:29

die in mij werkt met kracht.

2:2

en zij het geheimenis Gods mogen kennen,

2:3

Christus, in wie al de schatten der wijsheid en kennis verborgen zijn.

Daarom is Paulus blij onder het lijden dat hij lijdt. Het zijn zware verdrukkin­gen. Want hij moet opboksen tegen de Joden en tegen de Romeinen. Het is allemaal vijandigheid om hem heen. Hij kan dat, omdat hij weet dat Christus boven alles is en geleden heeft voor zijn behoudenis. Paulus heeft ook zelf de gemeente vervolgd en weet dus wat er in het hoofd en het hart en de handen van de tegenstanders kan huizen. Maar hij ervaart zijn lijden als een aanvul­ling van het lijden van de Here Jezus. Het is hem een eer. Het weerhoudt hem niet om door te gaan met de prediking. Want hij weet dat deze heerlijkheid, die eeuwen verborgen is geweest, nu ook aan de heidenen geopenbaard is ge­worden. En hij is geroepen om het onder de heidenen te brengen. Daarom kan hij er niet over zwijgen. Wil hij er ook niet over zwijgen. Het is heerlijk. Het is het heerlijke evangelie.

Daarom spant Paulus zich ook in en hij ervaart daar de kracht van God bij. Er is zware verdrukking. En dat weten ze. Maar hij verdraagt het allemaal, opdat ieder hoort wat de verlossing is van de duisternis naar het licht. Je komt tot inzicht en de liefde overweldigt je en je wordt verenigd tot die ene gemeente met allen die de Here Jezus liefhebben. Eén in Christus, in Wie alle schatten der wijsheid en kennis verborgen zijn. Dat is de werkelijkheid. Dat is de waar­heid. Alles is verborgen in Christus, in God. Alle schatten en alle wijsheid. Als je dat eenmaal gaat ontdekken, dan wordt het leven steeds meer een feest. Dan kan het niet stuk. Dan word je blij. Dan kan je van alles overkomen, maar dan is de verdrukking louter vreugde, omdat je weet dat ze de Here Jezus ook hebben vervolgd. En een knecht staat niet boven zijn heer. Dat is de werkelijk­heid van het christelijke leven. Daar moeten we uit gaan leven. Dan wordt het leven pas echt een feest. In de wereld lijdt gij verdrukking, maar in Hem is het eeuwige vrede en vreugde, die niemand je kan ontnemen.

Het is goed om je dit al te realiseren, als de verdrukking nog op zich laat wachten. Maar Ik vertel het jullie van te voren, opdat je, wanneer de ure der verzoeking komt, je je herinnert, dat Ik je het gezegd heb. Ik zal je de woorden te binnen brengen, die je moet spreken. Want ze vervolgen jou niet, maar ze vervolgen Mij. Ze kunnen je leven nemen, maar ze kunnen je geborgenheid in Mij nooit nemen. Daarom, verheug u! De HERE is nabij. Woorden van Here Jezus Zelf. We kunnen wel weer ons hele leven doorjuichen en de HERE loven en prijzen. Want Hij is goed. Het is waar en als je het eenmaal gaat ontdekken of beter gezegd, er door Hem aan ontdekt wordt, dan bloei je ook steeds meer open. Dan ga je het zien. Glorie voor zijn Naam! Prijs de HERE!

Colossenzen 2:4-15

11 oktober [1]

2:4

Dit zeg ik, opdat niemand u met drogredenen misleide.

2:6

Nu gij Christus Jezus, de Here, aanvaard hebt, wandelt in Hem, geworteld en dan opgebouwd wordend in Hem, bevestigd wordend in het geloof, zoals u geleerd is, overvloeiende in dankzegging.

2:8

met de wereldgeesten en niet met Christus,…

2:10

die het hoofd is van alle overheid en macht.

2:11

door het afleggen van het lichaam des vlezes,…

2:12

daar gij met Hem begraven zijt in de doop. In Hem zijt gij ook mede opgewekt door het geloof aan de werking Gods, die Hem uit de doden heeft opgewekt.

2:13

toen Hij al onze overtredingen kwijtschold,…

2:14

En dat heeft Hij weggedaan door het aan het kruis te nagelen:

2:15

Hij heeft de overheden en machten ontwapend en openlijk tentoongesteld en zo over hen gezegevierd.

Ja, dat is een goede waarschuwing. Nu je het dan gehoord hebt, wordt dan ge­grond en geworteld in Hem. Laat je niet meeslepen door menselijke redenerin­gen, de wereldgeesten die van God niets moeten hebben en alleen maar hun best doen om je van de gezonde leer af te halen. Maar blijf standvastig in Hem in Wie alle volheid heerst, Die het Hoofd is van alle overheid en macht. Door het geloof, de doop, de genade, ben je ook met Hem begraven en ook mede met Hem opgewekt door het geloof. Je was dood door de overtredingen, maar thans ben je één in Hem. Glorie voor zijn Naam! God is groot!

Heerlijk evangelie. Prijs de HERE! Hij heeft het bewijsstuk van onze zonde weggedaan aan het kruis van Golgotha. Dat is de begrafenis van ons eigen vlees en de opstanding in het nieuwe leven. Zo heeft Hij alle overheid en macht ontwapend en openlijk tentoongesteld, om zo over hen te zegevieren. Het kan allemaal heel wat lijken wat de tegenstander voor elkaar krijgt, maar God troont in de hemel. Hij ziet alles. Hij is machtig. Het is zijn Rijk, dat ko­mende is en niet dat van de tegenstander. We mogen dát Rijk aankondigen. Het kan niet stuk. Dat heil, mogen we aanbieden aan allen. En dat is een fan­tastisch werk. God is groot! Heerlijk evangelie. Prijs de HERE!

We krijgen er weer niet genoeg van. We zijn vaak zo wankelmoedig, we dur­ven er niet over te praten. We zien het niet zitten. We zijn bang voor wat de mensen zeggen. Maar het geheim is, dat we het zelf ook niet hoeven te zeggen. We hoeven het alleen maar door te geven. Wat er staat, dat is waar. Niet om­dat wij vonden dat het waar is, maar het is waar omdat het waar is. Het is een waarheid in zichzelf. Daar moeten we in geloven en dan zal Hij er kracht aan verlenen. Want Hij onttroont alle overheden en machten. Hij toont zijn macht en majesteit en alle mensen zullen het zien. God is groot! Prijs de HERE!

Colossenzen 2:16-3:4

12 oktober [1]

2:16

Laat dan niemand u blijven oordelen in zake eten en drinken of op het stuk van een feestdag, nieuwe maan of sabbat,

2:17

dingen, die slechts een schaduw zijn van hetgeen komen moest, terwijl de werkelijkheid van Christus is.

2:19

waaruit het gehele lichaam… zijn goddelijke wasdom ontvangt.

2:20

Indien gij met Christus afgestorven zijt aan de wereldgeesten, waartoe laat gij u,… geboden opleggen:

2:21

raak niet, smaak niet, roer niet aan;…

2:23

(en dient slechts) tot bevrediging van het vlees.

3:1

Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus is, gezeten aan de rechterhand Gods.

3:2

Bedenkt de dingen, die boven zijn, niet die op de aarde zijn.

3:3

Want gij zijt gestorven en uw leven is verborgen met Christus in God.

3:4

Wanneer Christus verschijnt, die ons leven is, zult ook gij met Hem verschijnen in heerlijkheid.

Ja, als Hij dan al onze overtredingen kwijtschold door zijn offer op het kruis van Golgotha, dan heeft Hij inderdaad de overheden en de machten ontwa­pend en openlijk tentoongesteld en zo over hen gezegevierd. Zo eindigt het vorige gedeelte. Dat is een machtige exclamatie en proclamatie. Jezus Christus en Die gekruisigd. Dat is onze verlossing. Dat is onze redding. Dat is alles wat we kunnen verwachten. Hij heeft de machten onttroond. Wij hebben niet te strijden tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden en de boze geesten in de lucht. Trek daarom de geestelijke wapenrusting aan om stand te kunnen houden in de boze dag. Dat moeten we dan doen. Neem het Woord van God, dat is het zwaard des Geestes en het schild des geloofs, waarmede wij alle brandende pijlen van de boze kunnen doven. Daar gaat het om. We moeten strijden met de wapenen van God. God beschermt ons. Hij redt ons. Hij geeft ons kracht. Met Hem springen we over muren. Bij Hem kan alles. Door Hem gebeuren de grootste wonderen. Het grootste wonder is dat we rustig kunnen blijven temidden van de woelige baren waar we in terecht kunnen komen. Glorie voor Zijn Naam! Prijs de HERE!

Laat dan niemand u blijven oordelen inzake, en dan komt er een rijtje waar wij ook een hele waslijst aan kunnen toevoegen, want als mensen kunnen we elkaar heel wat wetjes en regels opleggen en elkaar daarop beoordelen. Het is verschrikkelijk hoe snel we daarin zijn. We willen nog wel aanvaarden dat we elkaar in Christus kennen, maar zodra het op uiterlijkheden en minder belang­rijke dingen aankomt, gaan we uiteen. Dan mag je niet dit en dan mag je niet dat. Dat ging in Paulus’ tijd net zo. Maar daar moeten we mee stoppen. Dat geeft splitsing en verdeeldheid. Daar komt ruzie van. Pas op! Stoppen! En meteen. Onderzoek jezelf, waar je mank gaat aan deze zonde. Gewoon doen. God is groot en nooit genoeg te prijzen. Want Hij kent ons toch door en door. Dan is het goed dat we hier weer eens op ons nummer worden gezet. De wer­kelijkheid is Christus en dat andere is er nog niet eens een aftreksel van. En, pas op voor schijnvroomheid en hoogdravende woorden en op eigen ik gericht denken en doen. Want het lichaam wordt bijeengehouden door onderwerping aan de wil van God. Zo niet, dan blijft het lichaam een bijeengeraapt zootje waar geen innerlijke eenheid en kracht van is te verwachten. En opnieuw, als je met Christus afgestorven bent aan de wereldgeesten, dan moet je je geen nieuwe wetten laten opleggen. Raak niet, smaak niet, roer niet aan. Dat zijn voorschriften en leringen van mensen. Dat is eigendunkelijke nederigheid, eigenwillige godsdienst, kastijding voor het lichaam, slechts bevrediging voor het vlees. Dat heeft niets te maken met de vrijheid in Christus. Dat is gebon­denheid naar het vlees. Gebondenheid, terugval in de wereld van de duisternis. Daar moet je je verre van houden. En zo is het. Het is uit het leven gegrepen. We begrijpen het o zo goed. Dan moeten we er ook naar leven. Daar meteen aan beginnen en onze zonden belijden. Laat er geen gras over groeien. Je zult ontdekken dat je in een grote vrijheid terechtkomt.

En dan komen die majestueuze teksten die we uit ons hoofd moeten leren. Want er zit zoveel kracht in, dat we er wel voor de rest van ons leven over kunnen schrijven. Je krijgt er nooit genoeg van. En dat is het karakter van Gods Woord.

Indien gij dan met Christus opgewekt zijt… Daar alleen kun je al uren en uren, dagen en dagen vol van zijn, danken en lofprijzen. Van genieten. Opge­trokken worden. Je krijgt er niet genoeg van. God is groot! Heerlijk evangelie. Met Christus opgewekt zijn. Hoe kan dat nou? Dan ben je met Hem door de dood gegaan, dan heb je de verzoening verkregen. Niet uit eigen verdienste, maar doordat God zijn Zoon gaf. Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon, gegeven heeft, opdat een ieder die in Hem ge­looft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe. Heerlijk evangelie. Wie is een groter Vriend, dan Hij, Die zijn leven geeft voor zijn vrienden? Zo is God. Hij heeft ons zo lief, dat Messias Jezus kwam om de weg weer vrij te maken. En dat niet alleen, we zijn ook met Hem opgewekt en zien met Hem de ver­gezichten van het komende Koninkrijk van God. Dat is genade. Dat is onver­diende zaligheid. Dat is het leven krijgen om niet. Dat is onvoorwaardelijke liefde van God. Want als Hij het van ons had moeten verwachten, dan was er niets van terecht gekomen. Want de zonde kleeft aan ons sterfelijk lichaam. Maar, Gode zij dank voor Jezus Christus, Die ons redt van de komende toorn, door onze zonden weg te doen aan het kruis van Golgotha. Heerlijk evangelie. Heerlijke genade. God is goed en nooit genoeg te prijzen.

Zoek daarom de dingen die boven zijn, waar Christus is gezeten aan de rech­terhand van God. Dat spreekt toch vanzelf? Als je met Hem opgewekt bent tot het eeuwige leven, dan wil je toch ook niet meer terug en de dingen op de aarde doen, de menselijke, vleselijke dingen, waar je nooit mee klaar komt. God is groot! Heerlijk evangelie. We doen de dingen die van boven zijn. We zien Jezus zitten op de troon aan de rechterhand des Vaders. Dat is de plaats waar we met onze woorden, gedachten en daden thuishoren. En daar is het goed. Dat ervaren we als we het doen. We komen dan in een dimensie terecht, die ver boven ons uitgaat.

Bedenkt de dingen, die boven zijn, niet die op de aarde zijn. Kennelijk is er steeds weer de neiging te denken aan de dingen die beneden op de aarde zijn. Dat heeft kennelijk een aantrekkingskracht, maar daar moeten we ons tegen wapenen. Daarvoor is ook de geestelijke wapenrusting nodig. Boven blijven denken. Niet beneden denken, want dan kom je jezelf tegen en de aanklager aller broederen. Dat is gevaarlijk. Je zit zo maar in een vicieuze cirkel, waar je nauwelijks meer uitkomt, tenzij God je er door zijn Woord en Geest uittrekt. En dat wil Hij en dat doet Hij, waar je ook zit.

Want…, waarom…?: Want gij zijt gestorven en uw leven is verborgen met Christus in God. Je bent gestorven aan je eigen ik. Gestorven aan de zonde. Je bent opnieuw geboren. God is in je leven gekomen door Messias Jezus en het kruis heeft ons gered. Heerlijk evangelie om hier zo krachtdadig mee te eindi­gen. Dat moeten we overal proclameren. Er is hulp. De redding is nabij. God is goed! Je bent verborgen met Christus in God. Zie je het voor je? Geborgen, verborgen, veilig beschermd. Want wie kan er door de liefdesmuur van God de Vader en Jezus de Zoon heen breken? Niemand. Want God is goed! Het is heerlijk om dat te weten. Het is alsof je midden in de storm op de meest rus­tige plaats van de hele wereld, veilig bent beschermd. Niets kan je wat doen. Je bent geborgen in Christus, in God. Heerlijk evangelie.

Er is zoveel behoefte aan geborgenheid. Er is zoveel hardheid en liefdeloos­heid, wantrouwen, haat en nijd en alles wat verkeerd is in de samenleving. God wil ons redden. God helpt ons. God is goed! Hoe is het mogelijk dat God, de Hoogheilige God, Wiens gedachten veel hoger zijn dan mijn gedachten, waar we ons niet mee kunnen meten, Die we nooit onder ogen kunnen komen, dat Die God Zich bekommert om één mensenkind: om mij? Wat een Godde­lijke liefde. Want zijn ogen doorlopen de ganse aarde om krachtig bij te staan, hen wier hart volkomen naar Hem uitgaat, staat in 2 Kronieken 16 vers 9. En zo is het! Wanneer Christus verschijnt, Die ons leven is, zult ook gij met Hem verschijnen in heerlijkheid. God is groot! Hij komt! Hij is ons leven en dan zullen we ook opgenomen worden in zijn heerlijkheid. Daar hoeven we niet aan te twijfelen. Glorie voor zijn Naam!

Colossenzen 3:5-17

13 oktober [1]

3:5

Doodt dan de leden, die op de aarde zijn:…

3:8

Maar thans moet ook gij dit alles wegdoen:…

3:9

daar gij de oude mens met zijn praktijken afgelegd,

3:10

en de nieuwe aangedaan hebt, die vernieuwd wordt tot volle kennis naar het beeld van zijn Schepper,…

3:11

maar alles en in allen is Christus.

3:13

gelijk ook de Here u vergeven heeft, doet ook gij evenzo.

3:14

En doet bij dit alles de liefde aan, als den band der volmaaktheid.

3:15

En de vrede van Christus, tot welke gij immers in één lichaam geroepen zijt, regere in uw harten; en weest dankbaar.

3:16

Het woord van Christus wone rijkelijk in u, zodat gij in alle wijsheid elkander leert en terechtwijst en met psalmen, lofzangen en geestelijke liederen zingende, Gode dank brengt in uw harten.

3:17

En al wat gij doet met woord of werk, doet het alles in de naam des Heren Jezus, God, de Vader, dankende door Hem!

Doodt dan de leden die op de aarde zijn. Nou, daar weten we alles van. Dan kun je bij jezelf beginnen. Paulus noemt er dan een rijtje en wij kunnen er ook nog wel een algemeen en een eigen rijtje aan toevoegen. Die moet je dus doden. Begin er dan maar direct aan. Streep ze maar af. Maak maar eens dat eigen rijtje en streep maar eens aan hoe vaak je toch weer in dezelfde fout vervalt. Daar zul je van staan te kijken. Het is dus een terechte opdracht. Doodt dan de leden, die op de aarde zijn. Het is geen compromis. Het is een opdracht.

Daarbij hoort: doet dan aan, als door God uitverkoren heiligen en geliefden wat bij God hoort. Vul het maar in. Daarbij is de liefde de band der volmaakt­heid. De liefde doet de naaste geen kwaad. Het gaat om de liefde. Ook daar weten we alles van. We weten best waarover het gaat. We moeten stoppen met al ons egoïstisch gedoe. We moeten stoppen om onszelf op de voorgrond te zetten. We moeten stoppen om de ander minder te achten dan onszelf, enz., enz., enz. De liefde is de band der volmaaktheid. Heerlijk toch? En we weten het. Waar liefde woont, daar gebeurt wat. Daar wordt vreugde en vrede ge­voeld. Daar krijg je een warm gevoel. Daar zie je elkaar staan. Daar heb je het beste met elkaar voor. Je ziet het meteen. Als er liefde is, is er vreugde en blijdschap en erkenning en alles wat goed is. Liefde is een fantastisch woord. En wie heeft grotere liefde, dan Hij Die zijn leven inzet voor zijn vrienden? Dat was Messias Jezus. Hij heeft ons liefgehad tot in de dood. Hebt elkander lief, zoals Ik u heb liefgehad. Als er liefde is, dan volg je het voetspoor van Jezus. Waar liefde woont, gebiedt de Heer zijn zegen. Daar woont Hijzelf en wordt zijn heil verkregen en leven tot in eeuwigheid. Heerlijk!

En de vrede van Christus regere in uw harten. Wat regeert er in uw hart? Waar maakt u zich druk om? Waar zijn we mee bezig? Wat zet ons in rep en roer? We weten het maar al te goed. We zijn echter geroepen tot eenheid in het lichaam, en dat lichaam is de gemeente en Christus is het Hoofd en de vrede van Christus regere in onze harten. Heerlijk toch? Daar word je blij van. En weest dankbaar! Wie zou er nu niet dankbaar zijn, als je al deze weldaden uit genade door het offer van de Here Jezus deel hebt gekregen? Daar ben je toch eeuwig dankbaar voor? Daar geniet je met volle teugen van. Daar wil je ook uit leven. Je wilt niet anders. Glorie voor zijn Naam!

Het Woord van Christus wone rijkelijk in u, zodat je in alle wijsheid elkander leert en terechtwijst. Het Woord van God wone rijkelijk in u. Het Woord van God, daar moeten we het van hebben. We kunnen wel van alles willen en be­weren, maar als we het niet beleven en niet willen leren, dan komen we ook geen stap vooruit. Als de Bijbel ons levensboek is, dan moeten we ons dat eigen maken. Dan moeten we daar uit leven. Want daar staat de openbaring van God in. Lees erin! Leef eruit! En je zult zien, dat je groeit in de genade en de kennis van God. Het moet overvloedig in je worden. Heerlijke gedachte. Het wordt steeds beter. Je gaat steeds meer doorgronden. Dan ga je ook psal­men, liederen en geestelijke liederen zingen. Dan wellen ook de liederen op in je hart. En dan breng je Gode dank in je hart.

Wat je ook doet, doe het om des Heren wil, is de volgende opdracht. Dingen doen in de Naam van de Here Jezus, God dankende door Hem. Daar mag ons leven mee gevuld zijn, van de vroege morgen tot de late avond. Het leven is een feest. Het wordt steeds mooier, want door de Bijbel ga je er steeds meer van zien en begrijpen. Want jij leest het Woord van God niet, maar het Woord van God leest jou. Het doet je ontdekken aan jezelf. Het doet je zien, waar je nog leden moet doden om opnieuw te worden gevuld met zijn liefde. Het is geweldig om op deze weg te gaan. Ga ook op die weg! Mis deze kans van je leven niet! Dank U HERE. Het leven is een feest. U bent goed. Door genade mogen we weten een kind van U te zijn. Prijs de HERE!

Colossenzen 3:18-4:18

14 oktober [1]

3:18

Vrouwen, weest uw man onderdanig, gelijk het betaamt in de Here.

3:19

Mannen, hebt uw vrouw lief en weest niet ruw tegen haar.

3:20

Kinderen, gehoorzaamt uw ouders in alles, want dit is welbehagelijk in de Here.

3:21

Vaders, prikkelt uw kinderen niet, opdat zij niet moedeloos worden.

3:22

maar met eenvoud des harten in de vreze des Heren.

3:23

Wat gij ook doet, verricht uw werk van harte, als voor de Here en niet voor mensen;…

3:24

Gij dient Christus als heer.

4:2

Volhardt in het gebed,…

4:3

om te spreken van het geheimenis van Christus, ter wille waarvan ik ook gevangen zit.

4:5

Gedraagt u als wijzen ten opzichte van hen die buiten staan,…

4:6

gij moet weten, hoe gij aan ieder het juiste antwoord moet geven.

4:7

zal Tychicus… u op de hoogte brengen.

4:9

samen met Onésimus,…

4:11

de enigen uit de besnedenen, die mijn medewerkers zijn…

4:12

Epafras… altijd in zijn gebeden voor u worstelende,…

4:14

De geliefde geneesheer Lucas en ook Demas laten u groeten.

4:15

ook Nympha met de gemeente bij haar aan huis.

4:16

en dat ook gij die van Laodicéa u laat voorlezen.

4:18

De genade zij met u.

Als je dóet wat er staat, dan hèb je wat er staat. De verhouding tussen man en vrouw, het gedrag van ouders ten opzichte van hun kinderen en omgekeerd en de wijze waarop een heer met zijn slaven omgaat. Wat moet het kenmerk zijn? Het kenmerk is de liefde. Breng dat dan ook in de onderlinge relaties in prak­tijk.

Vrouwen, weest uw man onderdanig, gelijk het betaamt in de Here. Dat heeft niets te maken met slaafsheid, blindelings gehoorzamen, liefdeloos handelen van de zijde van de man. Neen, het omgekeerde. Mannen, hebt uw vrouw lief. Daar gaat het om. Dan komt het goed. Wat zijn deze teksten uit elkaar gerukt. Wat is er in naam van deze tekst veel verkeerd gegaan. Want het gaat niet om de heersende man, maar om de dienende man. Het gaat om Christus en de ge­meente. Paulus schrijft hier meer over in zijn brief aan de Efeziërs. Het gaat om de vergelijking van Christus als Hoofd van de gemeente en de man als hoofd van zijn vrouw. Nou, dan mag de man nog wel eens veranderen. Want zoals Christus de gemeente lief gehad heeft en Zichzelf voor haar heeft over­gegeven, zo moet ook de man zijn vrouw liefhebben, als broos vaatwerk. Dat is zelfopofferende liefde. Dat heeft niets te maken met barbaars en bruut heersen over de vrouw, die er als sloof achteraan loopt. Dat betekent dat je je vrouw op een voetstuk plaatst, omdat zij de schoonheid, het pronkstuk is, gemaakt als kostbaar broos werk door de HERE God. Dat betekent dat je je vrouw koestert en liefhebt. Haar nooit naar beneden haalt.

Wat is er veel verkeerd gegaan in de geschiedenis en in de dogma’s van de theologie. En het is vaak nog steeds zo. Daar moet je niet aan mee doen. Daar moet je je zelf tegen verzetten. Indien je er zelf last van hebt, bekeer je daar dan van. Als je werkgever bent of anderszins een leidinggevende positie hebt, heers je niet over de werknemers, maar doe je wat recht en billijk is, want je weet toch dat jezelf ook een Heer in de hemel hebt.

We zijn allemaal onderworpen aan God in de hemel. En we weten dat we de leden, die op de aarde zijn, moeten doden. Dat we de wapenrusting Gods aan moeten doen, om stand te houden in de boze dag. Het gaat om de praktijk van de liefde van God. Niet om onze eigen eer en roem en macht. God wil ons helpen om in het spoor van dienen en liefde te blijven lopen. Daar gaat het om, ook in de onderlinge relaties.

En dan volgt er: Volhardt in het gebed, weest daarbij waakzaam en dankt en bidt tevens voor ons. Het gebed is belangrijk. Het is de directe relatie met God. Het houd je op het rechte spoor. En weest waakzaam, want je bent zo maar van de weg af. Volharden in gebed. Doen! Je zult ervaren dat het werkt. Het werkt niet omdat je bidt, maar het werkt omdat God in zijn liefde naar je toekomt in het bidden. Je stelt je afhankelijk op voor Gods weg in je leven. Heerlijk toch?

En wat je ook doet, doe het als voor de HERE. Doe het niet om bij mensen in een goed blaadje te komen. Doe het gewoon omdat je weet dat God het beste van je vraagt, dan blijf je op het rechte pad. Het zijn alle heel praktische re­gels, die gelden voor elk ogenblik van de dag. Dan worden ook je lege gedach­ten en je moeite met werk, weggeduwd en gevuld met de blijdschap van de HERE, Die van elk werk een vreugde kan maken. Want er is altijd wat waar je moeite mee kunt hebben. Waar je je aan kunt ergeren. Maar als je het in het perspectief ziet dat God je dit werk op de handen heeft gelegd en dat je wat je ook doet je het moet doen als of je het voor de HERE doet, dan zie je het in een ander perspectief. Wat is God toch goed, dat Hij Zich zelfs druk maakt over onze moeiten met het werken. Wie had dat gedacht? God wil ons bemoe­digen en troosten op alle terreinen van ons leven. Dat is liefde, dat is genade, dat is hulp te bestemder tijd. Heerlijk om vanuit die zekerheid en die kracht te leven. Want dat maakt het leven lichter.

Paulus zit gevangen. Hij stuurt Tychicus en Onésimus, en hij doet de groeten. Hij is heel actief bezig om te communiceren. Bezig om zijn werkers te bemoe­digen en te wijzen op de weg die ze moeten gaan. Het zal ook allemaal niet meegevallen zijn. Hij is zelf niet in staat om te komen. En om dan via brieven de gemeente bij elkaar te houden, dat is geen eenvoudige taak. Maar hij beij­vert zich, om alles te doen wat hij kan. Deze brief moet in de gemeente voor­gelezen worden en ook in de gemeente van Laodicéa, en omgekeerd. Hij heeft dus ook een brief geschreven aan Laodicéa. Die is kennelijk niet bewaard ge­bleven. Maar het is zeker dat deze brieven de gemeenten rondgingen. En ze gaan nog de gemeenten rond. Daarom kunnen wij eruit putten. Als Paulus niet in de gevangenis had gezeten, hadden we vandaag niet zoveel brieven van hem gehad. Het is een zegen om te zien hoe God dan ook moeilijke omstandighe­den gebruikt om zijn werk voortgang te laten vinden. Het is geweldig om van­uit die visie ook ons leven te zien.

We weten niet wat God in de toekomst met ons voor heeft. Eén ding is zeker, dat het alleen maar goed kan zijn. En dat houdt ons op de been en maakt ons blij en vol hoop en visie. Glorie voor zijn Naam! Dank U HERE, voor uw knecht Paulus, die ons met dit kleine briefje zo bemoedigt.